Les 1 / 24
Eerste zinnen
Begroet iemand en zeg met esti wie je bent.
Lees elk woord hardop. Eén letter, één klank. Esti in de tegenwoordige tijd is estas voor iedereen. Geen “een”-lidwoord. Libro kan “een boek” zijn.
Lina op de cursus
Lees het verhaal. Klik op een woord om de betekenis te zien.
! Mia Lina. .
Tomaso . .
? , . .
. . lernas .
Lees hardop
- Saluton! Mi estas Ana. Hallo! Ik ben Ana.
- Saluton, Ana. Mi estas Marko. Hallo, Ana. Ik ben Marko.
- Ĉu vi estas lernanto? Ben je leerling?
- Jes. Kaj vi estas instruisto. Ja. En jij bent leraar.
Ja/nee met Ĉu
Ĉu vooraan. Woordvolgorde blijft. Antwoord Jes of Ne.
Woorden in deze les
Oefening
Typ het Esperanto. Beklemtoon de voorlaatste lettergreep. Enter controleert je antwoord.
Hello!
De groet eindigt op -n.
I am a student.
esti → estas. Geen “een”.
Are you a teacher?
Begin met Ĉu.
Yes.
Eén lettergreep: JES.
My name is Lina.
mia + nomo + estas + naam.
We are in a course.
ni + estas + en + kurso.
Vorm het woord
Typ het Esperanto-woord.
hello
De gebruikelijke begroeting.
yes
Eén kort woord.
teacher
instru- + -isto.
student / learner
lern- + -anto: iemand die leert.
Maak de zinnen af
Vul de ontbrekende uitgang of het woord in.
Mi _____ Lina. (I am Lina.)
Cadeau van esti voor iedereen.
_____ vi estas lernanto? (Are you a student?)
Ja/nee-vragen beginnen met Ĉu.
Tomaso _____ instruisto.
Same estas for he/she/it.
_____ . Kaj vi estas amiko. (Yes.)
Het tegenovergestelde van Ne.